Programma's
Ontvangst
Docenten
Sponsorschappen
Pers
Weerbericht
Nederland TV5 Nederland
TV5 Nederland
TV5 Nederland / Docenten / Apprendre & Enseigner avec TV5... / Vragenlijst '7 jours sur la pl...
Vragenlijst '7 jours sur la planète'

Veel voorkomende opdrachten '7 jours sur la planète'

 

in alfabetische volgorde

 

À l’oral, vous présentez des questions que vous destinez à X, afin de mieux comprendre X

Presenteer mondeling enkele vragen die je zou willen stellen aan X om zo X beter te begrijpen.

 

Associez les dates proposées à un évenement:

Zoek de juiste datum bij de juiste gebeurtenis:

 

Associez les mots suivants à leur définition.

Koppel de volgende woorden aan hun betekenis.

 

Associez les mots qui ont le même sens.

Zoek de woorden met dezelfde betekenis bij elkaar.

 

Cherchez les mots appartenant au domaine musical dans la liste ci-dessous.

Zoek in onderstaande lijst de woorden op muziekgebied.

 

Choisissez les bonnes réponses.

Kies het juiste antwoord.

 

Cochez les bonnes réponses.

Kruis de juiste antwoorden aan.

 

Cochez les mots que vous avez entendus.

Kruis de woorden aan die je hebt gehoord.

 

Complétez les paroles de X. Qu’exprime la forme verbale découverte?

Maak de tekst van X af. Wat betekenen de gevonden woorden?

 

Complétez les phrases/les extraits ci-dessous.

Vul in onderstaande zinnen/onderstaand fragment de ontbrekende woorden in.

 

Complétez le tableau suivant.

Maak onderstaand schema compleet.

 

Complétez le texte avec les mots proposés:

Maak de zinnen af met het passende woord. Kies hierbij uit:

 

Concevez un tract pour présenter X.

Ontwerp een pamflet waarop je X presenteert.

 

Conjuguez le verbe entre paranthèses au passé composé.

Zet het werkwoord dat tussen haakjes staat in de voltooide tijd.

 

Corrigez les erreurs pour retrouver l’introduction de la journaliste.

Corrigeer onderstaande fouten en maak de introductie van de journaliste volledig.

 

Dans les phrases ci-dessous, replacez les mots suivants à la place qui convient: …

Zet de woorden op de juiste plaats in onderstaande zinnen.

 

Dites si les affirmations suivantes sont vraies ou fausses.

Geef aan of onderstaande beweringen juist of onjuist zijn.

 

Écrivez les nombres que vous entendez.

Noteer de getallen die je hoort.

 

En vous aidant du reportage, associez chaque personne à sa fonction politique.

Zoek met behulp van de reportage bij elk persoon zijn/haar politieke functie.

 

Imaginez les paroles de X.

Bedenk wat X zou zeggen in de volgende situaties.

 

Interrogez un autre apprenant(e) sur son apprentissage du français.

Interview een andere leerling over zijn/haar vorderingen in het leren van de Franse taal.

 

Justifiez vos réponses.

Beargumenteer je antwoorden.

 

Observez les images et classez-les dans leur ordre d’apparition.

Observeer de beelden en zet ze in de volgorde waarin je ze voorbij ziet komen.

 

Observez les images et répondez aux questions suivantes.

Bekijk de beelden en geef antwoord op de volgende vragen.

 

Pour chaque question, cochez la bonne réponse.

Kruis bij elke vraag het juiste antwoord aan.

 

Préparez une courte intervention pour annoncer la nouvelle à la radio ou à la télévision.

Bereid een kort nieuwsbericht voor over het onderwerp, bestemd voor radio of televisie.

 

Quel est le point commun entre ces images ? À quoi vous font-elles penser?

Wat is de overeenkomst tussen de plaatjes? Waar doen ze je aan denken?

 

Rédigez un résumé du reportage.

Vat de reportage samen.

 

Rédigez une résumé de X à l’aide des informations des activités précédentes.

Maak aan de hand van de informatie uit voorgaande oefeningen een samenvatting over X.

 

Regardez attentivement le reportage. Soulignez les éléments que vous voyez.

Bekijk de reportage aandachtig en onderstreep de zaken die je ziet.

 

Reliez les noms des personnes à leur identité.

Koppel de juiste namen aan de identiteit van de persoon.

 

Reliez les quantités du cadre de gauche à leur élement correspondant dans le cadre de droite.

Geef aan welke hoeveelheden waarbij horen.

 

Remettez les actions dans la bonne ordre.

Zet de handelingen in de juiste volgorde.

 

Remettez les scènes dans leur ordre d’apparition.

Zet de scènes in de gepresenteerde volgorde.

 

Remplissez la fiche de présentation du personnage principale.

Vul hieronder de gegevens van de hoofdpersoon uit de documentaire in.

 

Répondez aux questions suivantes selon le modèle.

Beantwoord de vragen. Volg hierbij het voorbeeld.

 

Retrouvez les chiffres et les dates.

Vul de gevraagde cijfers en data in.

 

Retrouvez les questions correspondant aux réponses données ci-dessus.

Bedenk welke vragen vooraf zijn gegaan aan onderstaande antwoorden.

 

Retrouvez les temps des verbes.

Zet de werkwoorden in de juiste tijd.

 

Retrouvez l'ordre chronologique des éléments vus.

Zet de volgende beelden in hun chronologische volgorde.

 

Retrouvez pour chaque personne l’information qui lui correspond.

Zoek de juiste informatie bij de juiste persoon.

 

Travaillez avec votre voisin(e). Mimez des actions et votre partenaire doit dire ce que vous faites.

Werk samen met je buurman/-vrouw. Beeld bepaalde handelingen uit; je partner raadt wat er uitgebeeld wordt.

 

Vous êtes journaliste et vous interviewez X. Imaginez le dialogue.

Stel je voor dat je journalist(e) bent en X interviewt. Geef aan hoe de dialoog eruit zou zien.